logo
Bel nu voor een oriënterend gesprek: 088 - 936 63 00 call-to-action

NVGd: ‘Adviesdocument rond ambulant werken’

Er is meer aandacht nodig voor de tandheelkundige verzorging van de thuiswonende kwetsbare ouderen. Bij deze groep kan de langdurig opgebouwde gebitsgezond snel in verval geraken, met indirect gevolgen voor de algehele gezondheid en de kwaliteit van leven. Dit is een zorgwekkende situatie. Daarnaast wordt het verlenen van doelmatige mondzorg aan cliënten van zorginstellingen een steeds grotere uitdaging voor de professie. Ten dele wordt dit veroorzaakt door de toenemende zorgzwaarte van de cliëntenpopulatie. Anderzijds hebben zorginstellingen geen geld voor het inrichten van een mondzorgkamer, als dat al efficiënt is, gezien de trend naar kleinschalig wonen. Deze problematiek zorgt voor vele vragen ten aanzien van de richtlijn voor infectiepreventie en het verantwoord professioneel handelen in de thuissituatie.

Dit artikel bevat adviezen en een kader voor praktisch en verantwoord handelen.

Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie (NVGd)
Er zijn in Nederland diverse mondzorgverleners die iets aan deze problematiek willen doen. Zij zitten echter met vragen ten aanzien van de richtlijn voor infectiepreventie en het verantwoord professioneel handelen in de thuissituatie, juist bij deze kwetsbare doelgroep. Er zijn immers geen richtlijnen of aanbevelingen waaraan zorgverleners moeten voldoen bij mondzorgverlening buiten de algemene mondzorgpraktijk. Hierna wordt voor deze manier van werken de term ‘ambulant werken’ gebruikt; het begrip ‘thuiszorg’ zou verwarrend kunnen zijn.

De Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie (NVGd) heeft recent een adviesdocument gepubliceerd dat deze problematiek behandelt. Het is namelijk een maatschappelijk gegeven dat ‘ambulant werken’ in veel gevallen een efficiënte manier is om eenvoudige doch dringend noodzakelijke hulp te verlenen. In dit stuk willen dezelfde auteurs uiteenzetten hoe zij de adviezen praktisch toepasbaar achten en het kader weergeven waarin het verantwoord is te handelen.

Uitgangspunten ambulant werken
Het heeft de voorkeur dat mondzorgverleners werken in een professionele tandheelkundige ruimte, waarin de eisen vanuit onder andere de WIP-richtlijn kunnen worden gevolgd. Echter, de praktijk wijst uit dat dit lang niet altijd haalbaar is. Er zal steeds meer sprake zijn van ‘ambulant werken’. Belangrijk is om te benadrukken dat ook in geval van ambulant werken zorgverleners hun eigen professionele autonomie hebben en zij indien nodig in individuele gevallen kunnen afwijken van algemene richtlijnen.

Bij ambulant werken dient in ieder geval te worden voldaan aan de volgende uitgangspunten:

Bij ambulant werken werkt men zoveel als mogelijk volgens de WIP-richtlijn. In het NVGd-adviesdocument wordt verder gesteld, dat alle behandelingen worden uitgevoerd met steriel verpakt instrumentarium en zoveel mogelijk met gebruik van disposables. Er dient een strikte scheiding te zijn tussen ongebruikte en gebruikte materialen en instrumenten. Gebruikt instrumentarium dient altijd als besmet te worden beschouwd. In afwachting van verdere bewerking wordt een gebruikt instrument dusdanig bewaard, dat de daaropvolgende reiniging, desinfectie en sterilisatie niet wordt bemoeilijkt. Uitgepakt en klaargelegd steriel instrumentarium dat niet gebruikt is, dient beschouwd te worden als mogelijk besmet en daarom voorafgaand aan sterilisatie te worden gereinigd en gedesinfecteerd.

Transporteren van gebruikt instrumentarium
Het transport van schoon en vuil instrumentarium dient te worden uitgevoerd conform de uitgangspunten uit de WIP-richtlijn. Indien gebruikt instrumentarium binnen één dag getransporteerd kan worden naar de sterilisatieruimte, mag het droog bewaard en vervoerd worden. Droog bewaard instrumentarium dient wel zo spoedig mogelijk gedecontamineerd te worden.

Indien gebruikt instrumentarium niet binnen één dag getransporteerd kan worden naar de sterilisatieruimte, dient het ondergedompeld in een desinfecterende- of eiwitoplossende bewaarvloeistof te worden bewaard in een goed afsluitbare transportcontainer/bak. Het instrumentarium dient bij en na verblijf in de desinfecterende bewaarvloeistof nog steeds als potentieel besmet materiaal te worden beschouwd en met de vereiste voorzorgen te worden behandeld. Er heeft immers voorafgaand aan de plaatsing in de transportcontainer geen reiniging plaatsgevonden, zodat van een betrouwbare desinfectie geen sprake kan zijn. Pas hierbij steeds persoonlijke beschermingsregels toe zoals beschreven in de WIP-richtlijn.

Transport dient plaats te vinden in afgesloten transportbakken, zodat contaminatie van de omgeving uitgesloten is. Het geheel dient herkenbaar te zijn als vuil transport. De transportbakken dienen na transport als besmet te worden beschouwd. Daarom worden zij gereinigd en vervolgens thermisch of chemisch gedesinfecteerd. Indien nodig dient het instrumentarium voorafgaand aan verdere behandeling (bijvoorbeeld in een ultrasoon trilbad of thermodesinfector) met water te worden afgespoeld.

Bewaarvloeistof voor gebruikt instrumentarium
De keuze van de bewaarvloeistof is onder meer afhankelijk van de manier waarop verdere behandeling en transport plaatsvindt. In de meeste gevallen zal zowel een reinigende en eiwitoplossende als een desinfecterende werking vereist zijn. De werking van de bewaarvloeistof mag het materiaal niet noemenswaardig nadelig aantasten.

Diverse fabrikanten leveren een bewaarvloeistof voor gebruikt instrumentarium. Deze producten zijn voorzien van een CE-markering en daarmee toegelaten op de Europese markt. De bewaarvloeistof moet op de Nederlandse markt zijn toegelaten voor de desbetreffende toepassing. De gebruiker dient de gebruiksinstructies en veiligheidsaanbevelingen nauwkeurig op te volgen. Bij het afgieten van de desinfecterende bewaarvloeistof wordt beschermende kleding, een mondneusmasker, een bril of gelaatscherm en handschoenen gedragen. Poedervormige stoffen kunnen verstuiven en worden daarom ontraden.

Overwegingen bij ambulant werken
Uiteraard is hygiënisch werken belangrijk, maar minstens zo belangrijk zijn de aspecten van het verantwoord uitvoeren van een behandeling, de ergonomie voor de behandelaar en cliënt en de patiëntveiligheid. Het is in alle gevallen aan de behandelaar om te bepalen of een behandeling verantwoord ambulant kan worden aangeboden. Bij ambulant werken dient ook overleg met de cliënt, naasten of de verzorging een rol te spelen.

In de situatie van ambulant werken worden bij voorkeur alleen niet-kritische handelingen uitgevoerd. Een goed voorbeeld is het vervaardigen van een (gedeeltelijke) gebitsprothese. Echter de tandarts/mondhygiënist bepaalt voor zichzelf welke handelingen als niet-kritisch worden aangemerkt. Bij het vaststellen van een tandheelkundige handeling als wel of niet kritisch gelden de volgende overwegingen:

Conclusie
Er zijn in Nederland steeds meer mondzorgverleners, die tandheelkundige zorg verlenen aan thuiswonende kwetsbare ouderen. Voor hen is het lastig goed georganiseerde, betaalbare zorg te leveren door het ontbreken van een adequate bekostigingsstructuur. Toch leveren deze pioniers/idealisten deze zorg. Deze zorg wordt geleverd vanuit hun autonomie van handelen. Zo ziet de ene tandarts een extractie als de ultieme manier om iemand in de thuissituatie adequaat te behandelen, terwijl de ander dit alleen verantwoord acht in de praktijk met goede afzuiging en apparatuur.

De NVGd heeft een adviesdocument opgesteld met als doel de mondzorgverleners en zorginstellingen handreikingen te doen voor het verlenen van kwalitatieve en adequate mondzorg. Het adviesdocument is een beperkte verzameling van richtlijnen en best practices voor het opzetten van kwalitatieve en adequate mondzorg. Het is slechts een leidraad naar de gewenste situatie, die de mondzorgverleners en bestuurders van de instelling kunnen gebruiken om weloverwegen keuzes te maken in het ontwikkelen c.q. het aanpassen of actualiseren van het mondzorgbeleid. U kunt het ‘Advies aan zorginstellingen en mondzorgverleners ten aanzien van de mondzorg voor zorgafhankelijke cliënten’ opvragen bij ppenningmeester@nvgd.nl.

Nijmegen/Rotterdam, 2016

Wim Klüter (tandarts geriatrie) en Sjoerd Kuiken zijn als respectievelijk bestuurslid en als projectleider werkcommissie adviesdocument verbonden aan de Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie (NVGd). De NVGd is de wetenschappelijke vereniging van beroepsoefenaren die zich in het bijzonder inzetten voor de bevordering van de kwaliteit van de mondzorg voor en de mondgezondheid van kwetsbare en zorgafhankelijke ouderen. Lid zijn tandartsen, mondhygiënisten, specialisten-ouderenzorg en tandprothetici. Ook MondZorgPlus is lid van de NVGd.

Top