logo
Bel nu voor een oriënterend gesprek: 088 - 936 63 00 call-to-action

Mondzorg voor ouderen: een zaak van praktisch improviseren en compassie

MondZorgPlus werkt nauw samen met autoriteiten op het gebied van gerondontologie, waaronder prof.dr. Rob Schaub (hoogleraar em. Tandheelkundige Zorgverlening aan het Universitair Medisch Centrum Groningen). Op ons verzoek zet hij uiteen welke afwegingen een tandarts-geriatrie moet maken. Het resulteerde in een interessante serie van drie artikelen waarin prof.dr. Rob Schaub zijn inzichten deelt. Deel 2 bieden we u hierbij aan:

Mondzorg voor ouderen: een zaak van praktisch improviseren en compassie
Gelukkig is de aandacht voor de mondgezondheid van ouderen in de afgelopen jaren behoorlijk toegenomen. Voor zorgafhankelijke ouderen in instellingen is er meer en betere mondzorg beschikbaar. Helaas nog niet voor zorgafhankelijke ouderen die zelfstandig wonen. Een keerzijde van deze goede ontwikkeling is, dat de verwachtingen van de mondzorg wel eens (te) hoog gespannen zijn. Mondzorg is gebaseerd op tandheelkunde, waarvan het imago er één is van technische oplossingen. Voor veel problemen in de mond zijn immers (geavanceerde) oplossingen beschikbaar. Dat kunnen implantaten zijn, maar ook kronen of bruggen.  Voor preventie is een scala aan borstels, ragers, tandpasta’s en spoelmiddelen beschikbaar. Helaas blijken deze oplossingen voor een zorgafhankelijke oudere niet altijd een succes. Zo leidt aanpassing van het kunstgebit of een nieuw kunstgebit niet altijd tot beter kunnen kauwen en eten. Door problemen met het wennen aan zo’n oplossing treedt soms zelfs achteruitgang op.

Toenemende kwetsbaarheid
De mondgezondheid van ouderen is kwetsbaar door de ‘tand des tijds’. In de jaren van toenemende zorgafhankelijkheid is die kwetsbaarheid groter geworden. Er was objectief gezien wel achteruitgang, maar de ouder wordende mens paste zich daaraan ongemerkt aan en merkte eigenlijk die achteruitgang niet. Daarbij werd mondzorg bij het ouder worden lastiger. Tandartsbezoek nam af door verminderde mobiliteit en mondhygiëne werd oppervlakkiger door afnemende motorische vaardigheden. Kortom, een zekere verwaarlozing trad op. Daarbij gaven alle inspanningen en de kosten voor de mondzorg in voorgaande jaren een gevoel van een stevige basis. Jammer, want daardoor konden kleine mankementen, zoals een beginnend gaatje onder een kroonrand, niet hersteld worden. Ook noodzakelijke aandacht voor preventie (mondhygiëne) bleef achterwege, terwijl dat wel noodzakelijk was. En dan treden problemen op: afbreken van tanden/kiezen, loskomen van een brug, maar ook het optreden van pijn onder een kunstgebit waarvan de pasvorm door het slinken van de kaakwallen slecht geworden is. Helaas gebeurt dat vaak als de zorgafhankelijkheid al sterk gegroeid is.

Een brug te ver?
Tandheelkundig gezien ligt herstel door ingrijpende  behandelingen voor de hand: bijvoorbeeld implantaten of een kunstgebit. Voor veel kwetsbare, zorgafhankelijke ouderen is dat een brug te ver: de inspanningen voor de behandeling, maar ook het wennen aan de nieuwe situatie vergen teveel. Dat betekent dat er oplossingen moeten worden gezocht en toegepast die nog niet of niet helemaal aan gebruikelijke tandheelkundige richtlijnen en kwaliteitseisen voldoen. Nieuwe, meer of minder experimentele behandelingen zijn mogelijk. Bijvoorbeeld een 3D-geprint kunstgebit: minder inspannende behandeling, eenvoudig duplicaten te maken. Of een enkel implantaat in de onderkaak: relatief eenvoudig aan te brengen en met net voldoende houvast voor een kunstgebit in de onderkaak. Daarnaast kunnen met improvisatie tijdelijke oplossingen worden gevonden. Bijvoorbeeld een spalk achter losstaande ondertanden of een brugje van composiet om een verloren of afgebroken tand te vervangen. Niet zelden moet die behandeling na enige tijd opnieuw plaatsvinden. Dat is de enige mogelijkheid om ten minste minimale functie te behouden. Hoe de situatie in de mond ook is, een goede mondhygiëne draagt bij aan voorkomen van (progressie van) afwijkingen en aan het welzijn van de oudere. In de praktijk blijkt ook dat niet altijd uitvoerbaar en is aanpassing aan de mogelijkheden van de oudere (en zijn/haar omgeving) nodig. Tandheelkundig gezien zal in mondzorg voor de kwetsbare, zorgafhankelijke oudere daarom lang niet altijd alles wat mogelijk is, ook toegepast kunnen worden. In een aantal gevallen is helemaal geen behandeling mogelijk, terwijl ook mondhygiëne nauwelijks of niet uitvoerbaar is. Periodiek mondonderzoek moet frequent plaatsvinden om problemen tijdig te signaleren en bijvoorbeeld (pijnlijke) ontsteking van tandvlees te beperken.

De essentie van gerodontologie
Essentieel is overleg over de specifieke aard en inhoud van de mondzorg voor de individuele oudere en de omgeving, zodat iedereen weet en kan begrijpen wat er (niet) gebeurt. Afstemming met de specialist ouderengeneeskunde is hiervan onderdeel. Voor de uit te voeren mondzorg is van al deze betrokkenen de instemming vereist, zowel om wettelijke (WGBO – Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst) als organisatorische redenen (afdelingen moeten helpen met mondhygiëne). Daarna moet er blijvende aandacht zijn voor de kwetsbare oudere en de resultaten van de oplossingen. Dat betekent permanente nazorg. Van groot belang is het snel reageren op eventuele klachten, bijvoorbeeld het weer stuk gaan van de oplossing. Daarmee wordt het technisch handelen binnen de context van de wensen en de mogelijkheden van de oudere geplaatst. En dat is de essentie van gerodontologie; mondzorg voor ouderen. Zoeken naar en uitvoeren van voor de oudere nog te accepteren technische behandelingen, gepaard aan zorg voor die oudere: betrokkenheid, aandacht, aanpassing, interesse en tijd. Die zorg moet ook uitgaan naar de omgeving: familie, maar ook verzorgenden. Zij worden dagelijks geconfronteerd met ongemak, eventueel pijn waar geen afdoende oplossing voor is; het is erg lastig om iemand te helpen met eten als het bovengebit steeds naar beneden zakt. Een open oor van de mondzorgverlener kan helpen dat te dragen, al dan niet met praktische oplossingen. Deze wijze van mondzorg vraagt om compassie: betrokkenheid bij de oudere en zijn/haar omgeving. Die zorg vraagt ook om teamwork van tandarts, mondhygiënist en/of andere medewerkers. Die samenwerking is waardevol om curatie en preventie goed op elkaar af te stemmen. In die afstemming moet het evenwicht tussen tandheelkundige mogelijkheden en compassie de basis zijn voor een effectieve en efficiënte mondzorg.

Lees hier deel 1: ‘Mondgezondheid van ouderen: de tand des tijds’.

In de volgende nieuwsbrief van MondZorgPlus (januari 2018) leest u deel 3 in deze driedelige serie. Ontvangen? Meld u zich dan aan voor onze nieuwsbrief door een mail te sturen aan info@mondzorgplus.nl.

Over prof.dr. Rob Schaub
Prof.dr. Rob Schaub is hoogleraar em. Tandheelkundige Zorgverlening aan het Universitair Medisch Centrum Groningen en oud-voorzitter van de Nederlandse Vereniging voor Gerodontologie. Vanaf 1996 blies hij de opleiding Tandheelkunde nieuw leven in, nadat die in 1987 werd opgeheven. In combinatie met de opleiding Mondzorgkunde kwam de studie weer tot bloei. Hij zette zich daarbij speciaal in voor de mondverzorging van dak- en thuislozen en ouderen in zorgcentra.

Top